zaterdag 23 mei 2015

Verkiezingskoorts

De straten hangen vol met posters van de burgermeesterkandidaten en er rijden auto’s rond met luidsprekers waaruit politieke leuzen schallen afgewisseld met lelijk vervormde muziek. De postbus ligt elke dag vol folders van de politieke partijen, zelfs op zaterdag als de post normaal niet bezorgd wordt. Kortom, het is verkiezingstijd. Komende zondag gaat het allemaal plaatsvinden en als trotse inwoner van de stad Ponferrada en de deelstaat Castilla y León ben ik stemgerechtigd voor deze lokale en regionale verkiezingen. Het kunnen belangrijke verkiezingen worden vanwege de opkomst van de nieuwe partijen: Podemos en Ciudadanos. In de meeste polls lijkt het erop dat zij het zogenaamde bipartidismo, de hegemonie van de PP en de PSOE, gaan doorbreken.

Natuurlijk zou mijn stem bij deze verkiezingen vooral moeten afhangen van zaken die spelen op gemeentelijk of deelstaatniveau. De aanleg en het onderhoud van fietspaden bijvoorbeeld, want tegenwoordig beweeg ik me nogal wat met de huurfiets door de stad en dat is niet zonder gevaar, kan ik verzekeren. Fietspaden lopen dood en sluiten niet goed op elkaar aan. Of neem nu dat op het eerste oog onzinnige plan van de gemeente om een dijk aan te leggen ter voorkoming van overstromingen van de rivier El Sil. Van overstromingsgevaar hebben we hier echter nog nooit iets gemerkt. Het project wordt gefinancierd met Europees geld en natuurlijk levert het werkgelegenheid op, hetgeen Ponferrrada goed kan gebruiken. Maar moet Europa niet gewoon controleren of zo’n project wel echt nodig is?

Ik heb besloten mijn stem dit keer te laten afhangen van maar één issue: de corruptie. De nieuwe partijen Podemos en Ciudadanos (een soort D’66) hebben hervorming van de staat en strijd tegen corruptie hoog in het vaandel geschreven. Maar ja, het zijn nieuwe, snelgroeiende partijen zonder enige bestuurlijke ervaring, en voor een grondige selectie van de kandidaten was geen tijd. Het verwachte electorale succes heeft natuurlijk de nodige gelukzoekers en schreeuwlelijken aangetrokken, zeker op regionaal en gemeentelijk niveau. Ik heb daar al de nodige geruchten over gehoord. Een vriend vertelde me, in de kroeg weliswaar, dat hij liever op competente een corrupte politicus stemt dan op iemand die incompetent en eerlijk is. Ik was het niet met hem eens. Corruptie is bijzonder contraproductief. Het leidt tot zinloze projecten die bovendien extra veel geld kosten omdat ze worden uitbesteed aan het bedrijf dat het meeste smeergeld betaalt. Vervolgens verdwijnt veel van dat geld naar bankrekeningen in Andorra (geliefd bij Catalaanse corrupten) en Zwitserland. En natuurlijk heeft dit alles een negatief effect op de bereidheid om belasting te betalen, waardoor het overheidstekort nog meer oploopt. Gelukkig kregen we het later in de kroeg gewoon over voetbal, maar ook over dat onderwerp bleken we het helemaal niet met elkaar eens te zijn.

Bij vorige verkiezingen gaven de Spaanse kiezers er blijk van dat ze hun stemgedrag niet echt lieten afhangen van het ethische gedrag van de politici. De laatste landelijke verkiezingen van 2011 werden gewonnen (met bijna 45% van de stemmen) door de PP, terwijl het zelfs een guiri duidelijk was dat de partij tot op het bot corrupt was.  De vervroegde deelstaatverkiezingen van Andalucía van april dit jaar werden met zo’n 35% van de stemmen gewonnen door de PSOE, terwijl er toch flink was gegraaid uit diverse overheidsfondsen. Dat is allemaal wellicht niet zo hoopgevend, maar de PSOE van Andalusia wordt wel door de nieuwe partijen gedwongen om politici die de politieke verantwoording hadden tijdens de verduistering van fondsen uit de gelederen te verwijderen. Ziehier de louterende werking van de opkomst van nieuwe partijen.


Het moge duidelijk zijn. Ik stem op een nieuwe partij. Gewoon om de boodschap te geven dat de grote partijen te ver zijn gegaan in hun machtsmisbruik. Een heuse proteststem, jawel. Ik weet zeker dat ik komende zondag niet de enige zal zijn.

 Fietspaden lopen dood ..

 of sluiten niet goed op elkaar aan.

maandag 18 mei 2015

Links- of rechtsom

Tijdens mijn privélessen Engels aan huis zie ik het als mijn voornaamste taak de conversatie gaande te houden. De spreekvaardigheid moet immers geoefend worden. Gelukkig hebben de Escuela de Idiomas van Ponferrada, Cambridge University en de middelbare scholen hier zo’n beetje dezelfde voorgeschreven topics voor het onderdeel speaking, waardoor ik langzamerhand een expert ben geworden in het voeren van een geanimeerd Engels gesprek over de thema’s: jezelf voorstellen, vrije tijd, familie, gezondheid, de sociale media, de klimaatverandering, mode, misdaad en vooroordelen Maar zowel de leerlingen als de privéleraar hebben ook wel eens genoeg van deze uitgekauwde onderwerpen; het overmatige gebruik van klimaatverandering als lesthema is volgens mij de belangrijkste oorzaak van het ontkennen van het verschijnsel. Als een leerling een fris onderwerp aandraagt, ga ik daar over het algemeen enthousiast op in.

En dat gebeurde laatst, toen één van mijn leerlingen, een middelbare scholier, tijdens de les over de naderende gemeente- en deelstaatverkiezingen in mei begon. We praatten een tijdje over de opkomst van de nieuwe partijen en toen kwam hij met deze opmerking: ‘Het is opvallend dat in Noord-Europa de populistische partijen extreemrechts zijn, terwijl er in Zuid-Europa vooral nieuwe linkse partijen ontstaan.’ Een scherpe waarneming, hoewel er natuurlijk wat kanttekeningen bij te plaatsen zijn: in Griekenland is er ook een rechts-populistische partij en zelfs een heuse Nazi-partij, en in Italië is de politieke kleur van de vijfsterrenbeweging niet bepaald duidelijk. Maar opmerkelijk is dat het in Spanje ontbreekt aan een eurosceptische anti-immigratie partij van het kaliber PVV, Frente National, Het Vlaams Blok of de UK Indepence Party. De ontevredenheid komt hier van links.

Hoewel de Spanjaarden zich vaak meer vereenzelvigen met de regio of deelstaat dan met de nationale staat, bestaat er ook zoiets als Spaans nationalisme. Dat gaat dan vaak om relatief onschuldige zaken als: ‘Bij ons is het eten is beter’, ‘Onbegrijpelijk dat ze in andere landen de belangrijkste maaltijd niet midden op de dag nuttigen’ en ‘Maar wij zijn veel gelukkiger!’ Ik heb niet veel meegemaakt dat er neerbuigend werd gedaan over buitenlanders. Hooguit over inwoners van Spaanse regio’s, vooral als die zich willen afscheiden en heel goed kunnen voetballen (iets als kutcatalanen zul je hier vaker horen dan kutmarokkanen). De heftigste reacties na de aanslag in Madrid in 2004 waren niet gericht tegen moslims in het algemeen, maar tegen de op dat moment verantwoordelijke Spaanse politici. Misschien heeft dat te maken met een afkeer voor rechtse retoriek na zoveel jaren Franco-dictatuur. Of wellicht speelt het eigen emigratieverleden uit de jaren 50 en 60 een rol.

Maar waarom zijn zoveel Noord-Europeanen zo verzot op rechts-populistische partijen, vaak met politieke leiders die het meest doen denken aan de vervelendste jongetjes van de klas? Het is aantrekkelijk de schuld van de problemen aan anderen te geven en de rechts-populistische partijen kiezen daarvoor de economisch zwakkeren uit: de immigranten en de arme Europese landen. Ook in Spanje zoeken de nieuwe politieke partijen hun zondebokken voor de crisis. Zij richten hun pijlen op Merkel, de banken en de politieke kaste. In plaats van naar beneden te schoppen, zoals de Noord-Europese populisten doen, schoppen ze hier naar boven, hetgeen eerlijk gezegd minder onsympathiek overkomt. Overigens zal al dat schoppen de economische crisis niet doen verdwijnen; dat zal een langzaam en moeizaam proces zijn, maar ja, met zo’n boodschap win je de verkiezingen niet.

Dit alles heb ik tijdens de les allemaal niet gezegd, hoor. Het is immers vooral mijn leerling die moet praten dus ik heb hem gevraagd naar zijn mening over de nieuwe Spaanse partijen, over Griekenland, over de Europese Unie en de Euro, over zijn toekomst op de arbeidsmarkt, net zo lang tot ik in zijn blik iets meende te bespeuren als: ‘Kunnen we het niet gewoon over de sociale media of de  klimaatverandering hebben?’ En zelf gaf ik tijdens deze les mijn mening niet prijs, want voor je het weet word je versleten voor een Noord-Europese betweter, en dat ben ik natuurlijk niet. Toch?