Posts tonen met het label aardappelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label aardappelen. Alle posts tonen

maandag 21 november 2016

Echte eigenheimers

Eén van mijn privéstudenten gaat volgend jaar in Nederland wonen. Omdat hij voor een internationaal bedrijf gaat werken geef ik hem Engels. Van Nederlands leert hij de basiswoorden wel via een app, zo vertelde hij me. En met succes. Gggoedendaggg, zo begroet hij me bij het binnenkomen. Vervolgens gaat de conversatie in het Engels verder, maar wel vaak over Nederlandse topics. Zo hebben we het al uitgebreid gehad over de polders, de deltawerken, de Waddenzee, jordaanliederen, fietsen, schaatsen, het Nederlandse openbaar vervoer, de Hollandse eetgewoonten, de dagindeling, het schoolsysteem, enzovoort. Hij staat helemaal open voor het nieuwe avontuur. Toen hij een paar maanden geleden voor zijn sollicitatiegesprek in Nederland was en werd aangenomen, ontving ik van hem een foto waarop hij dat uitgebreid vierde met het nuttigen van een zoute haring aan de staart.

Meestal ga ik helemaal mee in zijn enthousiasme over zijn toekomstige woon- en werkomgeving, maar soms zie ik me toch ook genoodzaakt enkele keerzijden aan te stippen. De drukte, de files, de hoge prijzen, de dure gezondheidszorg en vooral de groeiende ontevredenheid over Europa en de multiculturele samenleving. Daarbij schudden we vaak vol ongeloof het hoofd. Als je in een rijk en goedgeorganiseerd land als Nederland niet tevreden kunt zijn, waar in de wereld in godsnaam dan wel? Maar goed, het allerergste moet ik hem nog uitleggen. En het is noodzakelijk, want hij heeft schoolgaande kinderen. Ik zie er echt tegen op. Maar binnenkort zal ik het toch echt met hem over de zwartepietendiscussie moeten hebben.

Ja, ik ben hier in Spanje helemaal op de hoogte. Er is geen ontkomen aan. Via Facebook ontvang ik van die berichten, die dan de verontrustende titel ‘Nederland moet Nederland blijven’ dragen, waarbij zwarte piet als symbool van Nederlandse trots wordt gepresenteerd. Iets waar ‘ze’ van af moeten blijven. Vroeger was volgens mij de aardappel een nationaal symbool. Net zo vreemd als een zwartgeschminkte blanke, eigenlijk. Een knol uit Zuid-Amerika. Mijn moeder zei vaak: ‘We zijn nu eenmaal echte aardappeleters.’ Eigenheimers, was ook een woord dat ze vaak gebruikte om Nederlanders te typeren. De Hollandse eetgewoonten zijn sindsdien flink veranderd. En eigenlijk is de hele samenleving erg veranderd. Nederland is gemotoriseerd, geautomatiseerd, gedigitaliseerd, veramerikaniseerd, vercommercialiseerd, geprivatiseerd, geherstructureerd, geïnternationaliseerd. Maar bij een paarse piet of een schoorsteenpiet menen velen de hakken in de grond te moeten zetten. Ik ben soms zelfs bang dat het een belangrijk item bij de komende verkiezingen in Nederland zal worden. En dat we dankzij de zwartepietendiscussie in hetzelfde politieke vaarwater als de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk terecht komen.

Maar goed, ik ga het binnenkort mijn student proberen uit te leggen, wellicht met een vergelijking tussen de stierengevechtdiscussie in Spanje en de zwartepietdiscussie. Er zijn parallellen, immers. In beide gevallen gaat het om een tegenstelling tussen traditie en ethiek. In beide gevallen gaat het om een symbool van nationale trots waar de ‘anderen’ (in het Spaanse geval de Catalanen) niet aan mogen komen. Zowel het stierenvechten als zwarte piet wordt door tegenstanders als ‘niet van deze tijd’ gezien en beide tradities zijn internationaal gezien nogal controversieel. Zowel in Nederland als in Spanje lopen de demonstraties tegen het fenomeen soms volkomen uit de hand.

Ik hoop dat ik met mijn student over de zwartepietendiscussie net zo’n goed gesprek zal hebben als ik ooit had met één van mijn kameraden op de voetbalclub, toen ik hem vroeg of hij naar het Sinterklaasfeest voor de F-pupillen zou gaan. ‘Wij Surinamers houden niet van Sinterklaas,’ antwoordde hij toen. Ik had hem nog nooit eerder over ‘wij Surinamers’ horen spreken. Ik was verbaasd dat de kwestie blijkbaar zo gevoelig lag, maar nadat hij het me op die trainingsavond had uitgelegd, was ik om. Als leraar Engels hou ik mijn eigen mening natuurlijk voor me. Ik zal voorzichtig openen met: Tell me, what’s your opinion about bullfighting?


woensdag 19 mei 2010

¡Aardappelen!

Nog niet van de doodsangst bekomen stuurt ze de auto naar een geschikte plek langs de weg om te parkeren. Dan kijkt ze mij verwijtend aan en vraagt: ´¿Waarom liet je me zo schrikken? ¡Dat was levensgevaarlijk!´ Tja, waarom deed ik dat? Het is een lang verhaal.

Het was begin jaren tachtig dat ik voor het eerst in Spanje kwam. Spain is different was een slogan waarmee men het exotisme van Spanje wilde aanprijzen aan buitenlandse toeristen. En het is nog steeds waar. Men heeft hier de eigenheid van de cultuur weten te behouden, natuurlijk ook door de jarenlange dictatuur van Franco. Soms doet dat een beetje provinciaal aan. En tegelijkertijd is het de bekoring van Spanje. Al die traditionele feesten. Dat heerlijke Spaanse eten in de restaurants. Goed, in Ponferrada zijn er wel wat pizzeria’s. En er is één Chinees waar niemand ooit heen gaat. Maar daarmee zijn de buitenlandse restaurants wel zo´n beetje genoemd. Buitenlandse kranten zijn in Ponferrada, toch een middelgrote stad met een regionale functie, niet te krijgen. In de bib hebben ze bij het plankje ´Internationale Pers´ slechts een in het Spaans vertaalde Le Monde liggen. En één van de meest specifieke verschijnselen van Spanje is het volume van de conversatie.

Wij Nederlanders zouden het schreeuwen noemen, zoals mensen in cafés, restaurants of op de hoek van de straat met elkaar staan te praten. Vroeger vond ik het altijd fascinerend. Waar zouden ze het toch over hebben? Zou het gaan om politieke tegenstellingen die, gezien de heftigheid van het betoog, nog stammen uit de jaren van de Spaanse burgeroorlog? Of betreft het hier een vete tussen families vanwege een dramatische liefdesgeschiedenis, zoals die zo mooi beschreven staan in de toneelstukken van Federico García Lorca? Misschien gaat het wel over voetbal. Barcelona, Real Madrid, altijd goed voor verhitte gemoederen. Maar met het toenemen van mijn Spaanse woordenschat werd mij steeds meer duidelijk dat de luide conversaties gaan over het eten, het weer, de gezondheid van de kleinkinderen, of welk alledaags onderwerp dan ook.

Zoals vanmiddag in dat cafeetje in dat dorpje, gewoon ergens langs de weg, waar we even stopten voor een kopje koffie. Op de in elk café onvermijdelijke televisie waren samenvattingen van de voetbalwedstrijden van gisteren te zien en vooral te horen. ´¡Goal! ¡¡¡¡Goal!!!! ¡¡¡¡¡¡Goaoaoaoaoaoaoaoal!!!!´ schalde de stem van de verslaggever bij elk doelpunt. De fruitmachine maakte op weinig subtiele wijze hoorbaar dat er geld was gewonnen. En boven dit alles uit voerden drie wat oudere echtparen een schreeuwerige conversatie over het kwaliteitsverschil tussen de aardappels uit Galicië (´¡¡¡Ik zeg je, die zijn het allerbeste!!!´) en die van León (´¡¡¡Ze zijn te droog!!! ¡¡¡Ze zijn gewoonweg te droog!!!´). Kortom, echt tot rust kwamen we niet, daar in dat cafeetje langs de weg.

We rekenden af en reden richting Ponferrada. We draaiden de snelweg op. Nog lang te gaan. Weinig werk voor de bijrijder. Ik begon te mijmeren. Over mijn toekomst hier dacht ik na, en of ik nou ooit eens echt zou integreren. Mijn Spaans zou eigenlijk flink moeten verbeteren. Dat Hollandse accentje, daar moest ik toch eens van af. Vanaf nu zou ik daar mijn best voor gaan doen. Spaans volume, Spaanse onderwerpen, Spaanse intonatie. En toen deed ik het. Ik begon een conversatie in de Spaanse stijl. ´¡¡¡In Nederland eet men ´s avonds om een uur of zeven gewoonlijk een warme maaltijd met aardappelen!!!´