Mijn laatste blog post eindigde vrij positief over de toekomst van Spanje. Volgens mij hadden de laatste verkiezingen uitzicht gegeven op een iets betere toekomst. Ach ja, hoe gaat zoiets? Het liep tegen het nieuwe jaar en dan is men vol goede voornemens en hoopvolle verwachtingen over wat de toekomst gaat brengen. Helaas ben ik in het nieuwe jaar uit Nederland teruggekomen met een behoorlijk zware griep onder de leden, hetgeen zeker niet bijdraagt aan een positieve gemoedsstemming. Extra chagrijnig was ik van deze griep omdat ik, voor het eerst van mijn leven, gevaccineerd ben. Dat was in oktober, toen we met schoonmoeder naar de dokter gingen om voor haar een griepprik te halen, waarop de verpleegster zei: ‘Jullie moeten er ook één, hoor, want dat kan besmetting bij haar voorkomen.’ En nu heb ik de zwaarste griep te verduren gekregen die ik me kan heugen, terwijl mijn schoonmoeder zelf deze winter volkomen griepvrij lijkt door te komen.
Ook het weer zat niet mee. Donkere, trieste dagen met enorm veel regen; daar wordt een mens niet vrolijk van. In Nederland was ik weer mensen tegengekomen die uitriepen: ‘Woon je in Spanje? Wat heerlijk!! Altijd mooi weer!’ Zij zijn kennelijk nooit ‘s winters in Noordwest-Spanje geweest. Regelmatig waaien Atlantische depressies de vallei van El Bierzo binnen om hier te blijven hangen tot de allerlaatste druppel regen is gevallen. Zelfs de gemeente Ponferrada lijkt de overvloedige regenval het liefst te ontkennen; veel straten zijn geplaveid met tegels die spekglad worden als het regent. Mediterrane straattegels in een Atlantisch klimaat: geen goed idee.
En nu geven de landelijke politieke ontwikkelingen ook nog weinig uitzicht op een verbetering. Mijn hoop was gevestigd op de nieuwe partijen die redelijk scoorden bij de laatste verkiezingen: Podemos (soort SP van linkse politicologen) en Ciudadanos (soort D’66). Een opluchting na zovele jaren dominantie van de twee grote partijen. Maar nu het moment is aangebroken om een coalitie te gaan vormen lijkt dat niet te lukken. Dat bijna alle partijen de Partido Popular van Rajoy willen uitsluiten van regeringsdeelname kan ik me voorstellen. De ‘casos de corrupción’ waarin de PP betrokken is stapelen zich maar op. Ik werd bevangen door een gevoel van plaatsvervangende schaamte toen President Rajoy in Brussel toestemming ging vragen om in een lager tempo het Spaanse begrotingstekort terug te dringen. Op zich ben ik voor een stimulerend begrotingsbeleid in tijden van economische crisis, maar misschien komt dit idee niet zo overtuigend over als het afkomstig is van de leider van een partij waarvan zovele politici betrokken zijn bij financiële schandalen. De bijdrage van de corruptie aan het overheidstekort is onbecijferbaar, maar het moet om aanzienlijke bedragen gaan; veel zinloze overheidsprojecten worden tegen extra hoge bedragen uitbesteed aan bevriende bouwbedrijven in ruil voor illegale stortingen in de partijkas of op de rekeningen van individuele politici.
Het gekke is dat ook de nieuwe partijen helemaal niet een coalitie lijken te willen aangaan. Podemos en Ciudadanos sluiten elkaar uit. Waarom in godsnaam? Is het de eeuwige polarisatie tussen links en rechts? Je hoort hier bij het ene kamp of het andere, of het nu om voetbal of om politiek gaat. Officieel heeft het linkse Podemos het ‘Deense model’ omhelst en afscheid genomen van hun meer revolutionaire ideeën, al wil de leider Pablo Iglesias nog wel eens met zijn vuist zwaaien. Als ze maar niet denken dat je in Spanje in één regeringsperiode naar het Deense niveau van verzorgingsstaat kunt tillen. Zoiets kost tijd. En moeite. En daarvoor is veel samenwerking vereist.
Het ontbreekt hier in Spanje aan een overlegcultuur. Zelfs iets eenvoudigs als werkoverleg kent men hier nauwelijks. Er wordt van bovenaf bepaald. In de politiek is men gewend dat één partij de regering vormt. Het wordt tijd dat men hier leert polderen. ¡Vamos a polderar!
Posts tonen met het label Partido Popular. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Partido Popular. Alle posts tonen
zaterdag 27 februari 2016
Polderar
Labels:
Ciudadanos,
El Bierzo,
Partido Popular,
Podemos,
polder,
Ponferrada,
regering,
Spanje,
Verkiezingen
dinsdag 4 maart 2014
Verborgen gezichten
Ja, ook ik doe mee aan de tendens om in sociale media overal maar mijn gezicht te tonen. Ik zit (met foto) op Google+, mijn curriculum staat op Linkedin, ik heb een Twitter-account (hoewel nauwelijks actief), op Facebook deel ik foto’s, filmpjes en slechte grappen, en natuurlijk zijn mijn spannende avonturen als Nederlandse immigrant in El Bierzo in dit blog te lezen. Kortom, ik heb me hier in El Bierzo niet bepaald verstopt. Een deel van mijn persoonlijke leven is publiek.
Op de Spaanse
tv zijn steeds vaker de persoonlijke details van jan en alleman te zien. Ook
hier kennen ze een overdaad aan reality shows, sommige met dank aan de
creatieve sector van de Nederlandse commerciële televisie. Big Brother (Gran
Hermano) was hier een grote hit. Sinds een jaar hebben ze op de TVE 1 van de
publieke omroep mijn favoriete soap serie, Amor en tiempos revueltos, vervangen
door een onwelriekend programma geheten Entre Todos, zoiets als Met z’n Allen.
In dit programma vragen mensen met grote economische, fysieke of psychische
problemen financiële steun aan de kijkers, die op die manier aan heel Spanje
hun belangeloze generositeit kunnen tonen. Ik voorspel voor dit programma een
minstens even mooie toekomst als exportartikel als Big Brother.
Ook de nieuwsbulletins
van de publieke en commerciële Spaanse zenders tonen vaak een opvallend gebrek
aan respect voor privacy. Zonder enige terughoudendheid worden de namen van
verdachten van misdaden bekendgemaakt en hun gezichten getoond. Niks geen
Mohammed B. of Volkert van der G. Een triest dieptepunt was dat een man die verdacht werd van het
vermoorden van zijn twee kinderen, met de politie en een rechter ter plekke een
reconstructie moest maken van de laatste middag die hij naar eigen zeggen met
zijn twee kinderen had doorgebracht in een speeltuin. Het werd allemaal gretig
in beeld gebracht, zonder enig gevoel voor de treurigheid van de gehele
situatie.
Aan de andere
kant zijn er gezichten die nooit vertoond worden op de Spaanse televisie.
Allereerst zijn dat de gezichten van de politieagenten of andere
personen die betrokken zijn bij het handhaven van de orde. Dit zal een gevolg
zijn van de jarenlange angst voor de ETA. Maar ook de gezichten van kinderen
worden op het Spaanse journaal vrijwel nooit herkenbaaar in beeld gebracht. Net als die van de leden
van de veiligheidsdiensten worden hun gezichten opzettelijk vaag
gemaakt. Het zal uit angst zijn voor manipulatie van de beelden door
pedofielen dat de kinderen op de nieuwsbulletins deze digitale boerka’s dragen.
Degenen die
het minst hun gezichten tonen op de televisie zijn toch wel de heren en dames
politici. Letterlijk gesproken zien we ze veel, natuurlijk: hun lachende
gezichten bij conferenties, hun quasiboze gezichten als ze proberen de andere
partij de schuld van alle problemen te geven en, steeds vaker, hun gezichten
achter een zonnebril als ze als verdachte van corruptie een gerechtsgebouw
betreden of verlaten. Maar hun ware gezicht tonen ze niet. De publieke omroep
in Spanje is strak in handen van de regerende partij. Dat is waarschijnlijk de
reden dat mijn favoriete soapserie van de publieke zender verwijderd is (maar wel te
zien bij een commerciële zender); te links bevonden door de regerende Partido
Popular. Sowieso is er in Spanje veel minder sprake van een televisiecultuur
waarbij aan de politici directe, onverwachte vragen worden gesteld. Je ziet de
politici nooit peentjes zweten, zoals je dat in sommige Nederlandse
actualiteiten- en praatprogramma’s soms het geval is. Als er een persoonlijk interview
wordt uitgezonden, met Rajoy bijvoorbeeld, is duidelijk te merken dat de vragen
van tevoren zijn ingezien en dat er overleg is geweest over de thema’s. .
Eén van de allerschandelijkste voorbeelden van kritiekloze journalistiek zag ik eind februari in het programma Informe Semanal van de publieke omroep. Het ging over een partijcongres van de Partido Popular als voorbereiding voor de komende Europese verkiezingen. De leiders van de Partido Popular konden ongebreideld hun zegje doen, wat op zich natuurlijk niet erg is. Maar het ontbrak volkomen aan kritische vragen. Vele (nationale) thema’s kwamen aan de orde, maar het woord ‘corruptie’ werd zelfs niet genoemd. Op zich een knappe prestatie. Het zag er allemaal uit als een propagandafilmpje van een politieke partij, maar dan gefinancierd met belastingcenten. Een grove vorm van corruptie, mijns inziens, waarvoor de verantwoordelijke politici door een kritische journalist aan de kaak zouden moeten worden gesteld. Maar de Spaanse politici zouden in een dergelijk programma nooit hun gezicht laten zien.
Eén van de allerschandelijkste voorbeelden van kritiekloze journalistiek zag ik eind februari in het programma Informe Semanal van de publieke omroep. Het ging over een partijcongres van de Partido Popular als voorbereiding voor de komende Europese verkiezingen. De leiders van de Partido Popular konden ongebreideld hun zegje doen, wat op zich natuurlijk niet erg is. Maar het ontbrak volkomen aan kritische vragen. Vele (nationale) thema’s kwamen aan de orde, maar het woord ‘corruptie’ werd zelfs niet genoemd. Op zich een knappe prestatie. Het zag er allemaal uit als een propagandafilmpje van een politieke partij, maar dan gefinancierd met belastingcenten. Een grove vorm van corruptie, mijns inziens, waarvoor de verantwoordelijke politici door een kritische journalist aan de kaak zouden moeten worden gesteld. Maar de Spaanse politici zouden in een dergelijk programma nooit hun gezicht laten zien.
Kijk HIER voor
het item van Informe Semanal (helaas niet ondertiteld)
Cristóbal Montoro, de Spaanse Minister van Financiën
Abonneren op:
Posts (Atom)


